drupal stats
View My Stats
.
VITAMINE-C
 
 
Waarom vitamine C?  Vitamine C:
  • versterkt het bindweefsel (collageen),
  • verhoogt de activiteit van witte bloedlichaampjes,
  • is nodig voor de produktie van interferon,
  • is een belangrijke antioxidant,
  • heeft een antihistaminewerking,
  • werkt vochtafdrijvend, hetgeen gunstig is voor de bloeddruk
  • heeft een ontgiftende werking,
  • stimuleert de omzetting van cholesterol in galzuur,
  • heeft bij diabetes type 2 een gunstig effect op de bloedsuikerspiegel (2 x 1000mg)

  • is betrokken bij een groot aantal andere stofwisselingsprocessen zoals de ijzeropname, de glutathionproduktie, de vorming van anti-stresshormonen etc. etc.
Vitamine C is één van de allerbelangrijkste micro-voedingsstoffen voor mens en dier. Behalve als een sterke anti-oxidant (beschermer van weefsels, zie onder aan deze pagina), is deze stof ook van belang bij diverse stofwisselingsprocessen en bij het afvoeren van gifstoffen uit het lichaam. 
Verder speelt vitamine C een essentiële rol bij het instandhouden en bevorderen van de weerstand tegen infecties (bijv. griep, verkoudheid) en ontstekingen (bijv. blaasontsteking). 

Wanneer een hond bezig is een gewrichtsaandoening te ontwikkelen, worden tijdens dit proces enorme hoeveelheden zogenoemde vrije radicalen (weefselbeschadigende moleculen, zie onder aan deze pagina) geproduceerd, die vooral door vitamine C worden geneutraliseerd. Daarvoor is zeer veel vitamine C nodig, veel meer dan de hond zelf kan produceren of via de normale voeding kunnen opnemen. Het probleem alleen is dat wij bij de hond niet al in een heel vroeg stadium kunnen zien of hij bezig is een gewrichtsaandoening te ontwikkelen. De uiterlijke verschijnselen daarvan zien wij pas in een veel later stadium. Daarom is het zeer zinvol megadoses vitamine C als preventief middel te verstrekken. 

Gewone vitamine-C 

De "gewone" vitamine C tabletten bevatten als werkzaam middel doorgaans alleen ascorbinezuur. Dit zijn meestal tabletjes van 50 mg. Wil je dus aan je tweemaal 1000 mg per dag komen, dan moet je de hond tweemaal daags 20 van die tabletjes voeren, is 40 tabletjes per dag. Nadeel daarvan is dat de hond veel te veel silicium dioxide (verdikkingsmiddel) en tartrazine (kleurstof) binnen krijgt, om nog maar te zwijgen van de sorbitol (zoetstof) die tegenwoordig ook vaak wordt toegevoegd en - zeker in deze hoeveelheden - een uitermate laxerend effect heeft. Weliswaar wordt vaak ook fructose (natuurlijke vruchtensuiker) en natuurlijke aroma toegevoegd, maar veruit het grootste bezwaar is de toevoeging van calcium stearaat, om de pilletjes mooi te laten glanzen. Daarmee kun je, bij 40 tabletten per dag, behoorlijk wat schade aan de botten aanrichten. Niet doen dus. 

Vitamine C1000 Time released (bijvoorbeeld van Kruitvat)  kent deze problemen in veel mindere mate. "Time released" betekent dat het tablet, mits heel ingenomen, acht uur lang regelmatig vitamine C afgeeft, zodat niet alles direct weer via de urine het lichaam verlaat. Bovendien wordt als verdikkingsmiddel geen calcium stearaat gebruikt. Toch bevatten ook deze tabletten als werkzaam bestand slechts ascorbinezuur, en bestaat de rest voor een groot deel uit onnatuurlijke toevoegingen. 

Gewone ascorbinezuur, de vitamine C die wij het beste kennen, wordt te snel door het lichaam afgevoerd om effectief te kunnen zijn, kan het darmstelsel gaan irriteren en hogere doses dan voorgeschreven kunnen de vorming van kristallen in de urinewegen veroorzaken. In tegenstelling tot ascorbinezuur zijn mineraalascorbaten in vet oplosbaar, 100% zuurvrij en zeer geschikt voor mensen en dieren die slecht tegen ascorbinezuur kunnen. Als anti-oxidans (zie onderaan deze pagina) werken zij bovendien synergetisch met andere anti-oxidansen, vergelijkbaar met vitamine E. 
  

Polyascorbaten 

Polyascorbaten als Ester-C en Ascorbate Mineral-C zijn ontzuurde vitaminen-C en bevatten voornamelijk natuurlijke grondstoffen (mineraalascorbaten), waaronder calciumascorbaat, calciumcitraat, magnesiumascorbaat, magnesiumnitraat, kaliumascorbaat, zinkascorbaat), mangaanascorbaat, kopersebacaat, citrus bioflavonoïden (natuurlijke smaakstoffen), hesperidine (zit ook in Vitamine C1000) en rutine. 

Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de werking van polyascorbaat aanmerkelijk beter is dan die van gewone ascorbinezuur. Dr. L. Phillips Brown startte met een onderzoek van honden die waren gehuisvest in het Best Friends dierenasiel in Kanab, Utah, Verenigde Staten. Dr. Brown verstrekte polyascorbaat, gewone ascorbinezuur (gewone vitamine C), of een placebo,  tweemaal daags aan elke groep honden,  gedurende drie weken. De respons op de behandeling werd gemeten met de Average Mobility Improvement Score (AMIS) (gemiddelde verbetering van de mobiliteit score), met een schaal van vier punten, waarbij "0" geen respons betekende en "3" een zeer goede respons was. Vervolgens werd de behandeling drie weken gestaakt en werden de groepen gewisseld, zodat elke groep een verschillende behandeling kreeg. Deze wisseling vond daarna nog tweemaal plaats. Toen alle verbeteringsscores bij elkaar waren opgeteld, kwam dr. Brown tot de conclusie dat de honden die polyascorbaat  hadden gekregen een AMIS score van 1,5 hadden, terwijl de honden die gewone ascorbinezuur kregen  een AMIS score van 0,5 hadden. De gemiddelde score van de placebogroep was 0,01, waaruit men mag concluderen dat er geen zichtbare verbetering mag worden verwacht wanneer geen medicijnen worden verstrekt. Dr. Brown concludeerde dat bij het verbeteren van de mobiliteit bij gewrichtsaandoeningen van honden polyascorbaat effectiever was dan gewone ascorbinezuur. 

Voor de mens ook goed 

Vitamine C en artrose: Door studie van de universiteiten van Boston is veel bekend van de gezondheid en voedingsgewoontes, inclusief supplementen, van de inwoners van de stad Framingham. Geregeld worden bepaalde aspecten hiervan geanalyseerd. Nu werd gekeken in hoeverre de inname van vitamine C, E, bèta caroteen, foliumzuur en vitamine B1 van invloed zijn op het verloop van osteoartritis van het kniegewricht. Vitamine C had het sterkst meetbare beschermend effect. Personen uit de laagste vitamine C groep, gemiddeld 81 mg per dag, hadden een drie maal groter risico op verergering van de aandoening dan uit de hoge vitamine C groep (gemiddeld 430mg vit.C per dag). Personen uit de hoge vitamine C groep hadden ook minder kans op pijn in de knie. Een verklaring hiervoor is dat vitamine C een rol speelt bij de synthese van kraakbeencollageen en een belangrijke antioxidant is. Voor vitamine E en bèta caroteen vond men in mindere mate ook een beschermend effect maar niet voor de andere twee vitaminen. 
Bij de Framingham Osteoarthritis Cohort Study is vastgesteld dat bij mensen met artroseverschijnselen in de knie een hogere inname van vitamine C gepaard gaat met een significant kleinere kans op progressie van de aandoening. 
Personen met een hoge vitamine C-consumptie bleken ook minder kans te hebben om pijn in het kniegewricht te krijgen. 

Bescherming door anti-oxidanten

Uitgangspunt voor het onderzoek was de hypothese dat reactieve zuurstofdeeltjes een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van artrose en dat voedings-anti-oxidanten zoals vitamine C, vitamine E en bèta caroteen daartegen protectie kunnen bieden. Het onderzoek werd uitgevoerd door van 640 personen uiteenlopende gegevens, die in het kader van de reeds veel langer lopende Framingham Osteoarthritis Cohort Study prospectief waren verzameld, retrospectief te analyseren. 

Bij deze proefpersonen was de conditie van de kniegewrichten op twee verschillende tijdstippen uitvoerig geëvalueerd, eenmaal in de jaren 1983-1985 (baseline) en vervolgens nog een keer in de periode 1992-1993. Daarbij werd voor iedere knie onder meer vastgesteld of al dan niet sprake was van artrose. Bij het tweede onderzoek werd bovendien bepaald in hoeverre progressie van eventuele baseline-artrose was opgetreden. 

Gegevens over de nutriënten-inname waren beschikbaar in de vorm van een voedselfrequentie-vragenlijst, die de deelnemers aan het onderzoek in de jaren 1988-1989 hadden ingevuld. Daarbij werden behalve over de dagelijkse voeding ook vragen gesteld over het gebruik van vitaminen- en mineralen-supplementen. 


Drievoudige risicovermindering

Om van vitamine C, vitamine E en bèta caroteen specifiek de anti-oxidatieve werking te bestuderen werd de invloed van deze nutriënten ook vergeleken met die van een groep "controle"-vitamines waaraan geen directe anti-oxidatieve eigenschappen worden toegeschreven, zoals vitamine B1 en foliumzuur. Bij de statistische analyse van de gegevens werd verder rekening gehouden met mogelijke confounders zoals leeftijd, mate van fysieke activiteit en totale energie-inname. 

Ten opzichte van personen in het laagste tertiel van de vitamine C-consumptie (gemiddeld 81 mg per dag) werd zowel voor personen in het middelste als in het hoogste tertiel (gemiddeld 152 respectievelijk 430 mg vitamine C per dag) een zeer significante drievoudige reductie in het risico op progressie van de artrose geconstateerd. 

Dit gunstige effect van vitamine C was vooral te danken aan een verminderde kans op teloorgang van gewrichtskraakbeen, hetgeen mogelijk verband houdt met het feit dat vitamine C niet alleen een krachtige anti-oxidant is maar ook een belangrijke rol speelt bij de synthese van kraakbeencollageen. Vermeldenswaard is verder dat personen met een hoge vitamine C-inname ook minder kans hadden om pijn in de knie te krijgen. 

Ook voor vitamine E en bèta caroteen werd een beschermend effect gevonden, maar dit was minder duidelijk en consistent dan voor vitamine C. Daarentegen kon voor géén van de "controle"-vitamines een significante protectieve werking worden aangetoond. 

(Do antioxidant micronutrients protect against the development and progression of knee osteoarthritis?; McAlindon TE et al. (Arthritis Center, Boston University Medical Center, Boston, Massachusetts, 02118, USA); Arthritis & Rheumatism, 39(4):648-656, april 1996)


Anti-oxidanten 

Vrije radicalen 

Vrije radicalen zijn moleculen met één of meer ongepaarde elektronen. Dit heeft tot gevolg dat het molecuul onstabiel en heel reactief is. Het vrije radicaal kan door middel van oxidatie schade aanbrengen aan lichaamscellen. 

Dit kan leiden tot het ontstaan van leeftijds-gerelateerde degeneratieve-ziekten en verouderingsverschijnselen. 

Hieronder vallen: 

  • gewrichtsaandoeningen;
  • hart- en vaatziekten (arteriosclerose);
  •  maculadegeneratie (ogen);

  •   
  •  staar, vertroebelen van de ooglens;

  •   
  •  DNA schade, waardoor een hoger risico op kanker ontstaat.
  • Vrije radicalen hebben niet alleen schadelijke eigenschappen, maar ze hebben ook positieve effecten voor het lichaam. Vrije radicalen hebben bijvoorbeeld een destructieve werking op ziektevormende micro-organismen. Bij een overschot aan vrije radicalen krijgen de schadelijke effecten echter de overhand. Een overschot aan vrije radicalen kan bij de mens ontstaan door een druk en stressvol leven, bij sport, bij rokers, bij een teveel aan zonnestraling en bij milieuverontreiniging. 

    Anti-oxidanten 

    Anti-oxidanten zijn stoffen die vrije radicalen kunnen 'wegvangen', waardoor deze geen schade meer kunnen veroorzaken aan de lichaamscellen. Bij een tekort aan anti-oxidanten ontstaat er een verstoring van de balans tussen vrije radicalen en anti-oxidanten: er is dan sprake van oxidatieve stress. Dit kan ontstaan door een te lage inname van anti-oxidanten met de voeding of een excessieve productie van vrije radicalen. Hoe groter de oxidatieve stress, des te groter is de schade aan de lichaamscellen, zoals: 

    •  DNA-schade;
    • oxidatie van lipiden. Geoxideerd LDL (low density lipoprotein) is bijvoorbeeld cytotoxisch voor de vaatwand, met als gevolg een verhoogd risico op hart- en vaatziekten;
    • schade aan specifieke eiwitten, waardoor er storingen in het membraantransport ontstaan;
    • transitie van metaal ionen. Fe++ kan bijvoorbeeld door oxidatie worden omgezet in het reactieve Fe+++. Deze reactieve vorm van ijzer kan op zijn beurt weer oxidatie processen katalyseren6. Anti-oxidanten kunnen bescherming bieden tegen bovengenoemde processen.
    Het toedienen van één soort anti-oxidant heeft weinig effect. Anti-oxidanten werken namelijk synergetisch: ze kunnen vrije radicalen aan elkaar doorgeven waardoor ze elkaar kunnen neutraliseren. Ze vormen als het ware een kettingreactie. Het beste resultaat wordt verkregen door het suppleren van een zo breed mogelijk scala aan anti-oxidanten. 

    De bekendste anti-oxidanten zijn vitamine C, vitamine E en het mineraal selenium. Daarnaast zijn carotenoïden en flavonoïden uit groente en fruit hele belangrijke anti-oxidanten. 
      

    Belangrijke anti-oxidanten uit de voeding: 

    Vitamine C: 

    Vitamine C is in water oplosbaar waardoor het met name een anti-oxidatieve rol speelt in de extracellulaire vloeistof. Vitamine C zorgt in de anti-oxidanten cascade voor het overnemen van het radicaal van vitamine E. 

    Vitamine E: 

    Vitamine E is een verzamelnaam voor twee groepen stoffen, de tocopherolen en de tocotriënen. Vitamine E is in vet oplosbaar waardoor het met name een anti-oxidatieve rol speelt in de membranen, waar het PUFA's (polyunsaturated fatty acids waaruit de membraan is opgebouwd) beschermt tegen oxidatie. Hierdoor heeft vitamine E een rol in de preventie van hart en vaatziekten. 

    Selenium: 

    Selenium is een essentiële voedingsstof, maar is in hoge doseringen toxisch. Selenium is een natuurlijk element dat voorkomt in gesteenten: in aarde, in oppervlakte-water en in de vegetatie. Voedingsbronnen van selenium zijn vlees, gevogelte, graanproducten, vis en groenten. 

    De anti-oxidant functie van selenium is direct afhankelijk van vitamine E. Tevens kan selenium als antagonist werken voor verschillende toxische metalen (arseen, koper, cadmium en lood) . 

    Carotenoïden: 

    Carotenoïden zijn de natuurlijke kleurstoffen (pigment-stoffen) die gevonden worden in diverse groenten, fruit en bloemen. Voorbeelden van carotenoïden zijn: (a , b -en, g -caroteen, lycopeen, zeaxanthine en b cryptoxanthine. b -caroteen is de bekendste onder de carotenoïden en komt met name voor in groente (wortelen). b -Caroteen wordt via chylomicronen getransporteerd naar de lever en daar opgenomen in LDL- en HDL-cholesterol fracties, waar het door zijn anti-oxidatieve werking een rol speelt in de preventie van hart- en vaatziekten7. 

    Carotenoïden zijn normaal voorkomende stoffen in menselijk bloed en weefsels, maar ze kunnen alleen worden geproduceerd door fotosynthetische organismen, zoals algen en chloroplasten in planten. 

    Carotenoïden hebben een krachtige anti-oxidatieve werking en zouden het immuunsysteem kunnen stimuleren. Er zijn echter ook studies met negatieve uitkomsten: in een recente studie werd bij een hoge dosis b -caroteen een toename van longkanker gevonden. 

    Flavonoïden: 

    Flavonoïden zijn voedingsstoffen met anti-oxidatieve eigenschappen en ze hebben een remmende werking op de bloedplaatjes aggregatie (stolling van het bloed). De flavonoïden vinden we in heel wat plantaardige producten terug voornamelijk in zwarte thee, uien, stevige vruchten (bv. appels), de schil van druiven en in rode wijn. 

    Co-enzym Q10: 

    Co-enzym Q10 (ubiquinon) is een natuurlijke stof die in de mitochondriën ('de energiefabriekjes') van iedere cel voorkomt. In de mitochondriën is co-enzym Q10 verantwoordelijk voor het transport van elektronen over de mitochondriën membraan. Tevens is het een krachtige anti-oxidant. Het gaat bijvoorbeeld de oxidatie van LDL in het bloed tegen waardoor het een beschermend effect heeft op hart- en bloedvaten. 

    Co-enzym Q10 komt voornamelijk voor in vlees. 

    Glutathion: 

    Glutathion is een tripeptide die veel voorkomt in het planten- en dierenrijk . Het is een heel krachtige anti-oxidant. Glutathion kan ook in het lichaam zelf worden gemaakt. Het is dus zowel een interne als een externe bron van anti-oxidanten. 
      

    Samenvatting 

    Anti-oxidanten spelen een heel belangrijke rol bij de bescherming van ons lichaam tegen de schadelijke invloeden van vrije radicalen. Een teveel aan vrije radicalen veroorzaakt beschadiging van de cellen en leidt tot verouderingsverschijnselen zoals: hart- en vaatziekten, staar en schade aan DNA waardoor er een verhoogde kans bestaat op het ontstaan van kanker. De voeding is een belangrijke leverancier van anti-oxidanten. Als de voeding tekort schiet, kan aanvulling nodig zijn in de vorm van een voedingssupplement. De effectiviteit van een anti-oxidant supplement wordt bepaald door het aantal verschillende soorten anti-oxidanten dat het supplement bevat, omdat de verschillende anti-oxidanten synergetisch werken. 
    Van alle hierboven genoemde anti-oxidanten is vitamine-C veruit de veiligste om aan de hond te verstrekken. Begin alstublieft niet te experimenteren met vitamine-E, want dat kan zeer gevaarlijk zijn en zeer negatieve gevolgen hebben. 
    De enige veilige vitaminen zijn vitamine B en vitamine C. 
      

    Vitamine C en nieraandoeningen 

    De onjuistheid van de bewering dat een hoge vitamine C-inname tot de vorming van nierstenen zou leiden is opnieuw aangetoond door een Amerikaans onderzoek dat werd uitgevoerd in het kader van de Health Professionals Followup Study. 
    De deelnemers aan het onderzoek, die in vergelijking met andere bevolkingsgroepen relatief veel vitamine C gebruikten, werden gedurende 6 jaar gevolgd. 
    Daarbij werd géén verband geconstateerd tussen het risico op nierstenen en de vitamine C-consumptie. 

    Bij de start van het project had géén van de onderzoeksdeelnemers ooit aan nierstenen geleden. Informatie inzake het optreden van nierstenen tijdens de onderzoeksperiode werd verzameld met behulp van vragenlijsten die de proefpersonen 2, 4 en 6 jaar na het begin van de studie werden toegestuurd. Gedurende een follow-up van 241.455 persoonjaren werden 751 gevallen van nierstenen gerapporteerd. 
    Bij analyse van de cijfers bleek een hogere vitamine C-inname niet gepaard te gaan met een hoger risico op nierstenen. Er was zelfs een lichte trend in omgekeerde richting, maar dit was statistisch niet significant. Zo was bij de groep mannen met de hoogste vitamine C-inname het voor de leeftijd gecorrigeerde relatieve risico om nierstenen te krijgen ten opzichte van de groep met de laagste inname 0,78. 
    Vermeldenswaard in dit verband is dat de gemiddelde hoeveelheid vitamine C die in de groep met het hoogste inname-niveau werd geconsumeerd 1,878 miligram per dag, ofwel ruim 30 keer de Amerikaanse RDA-waarde, bedroeg. 
      

    Jaap van der Wijk 
    15 december 1999 

     
      .
    .
    NIEUW!
    Heb je vragen? Wil je graag en specifiek onderwerp aanroeren?
    Ga dan naar het LabradorNet Forum!
    .
       .
     ...
     .
    This website is maintained by Jack Vanderwyk
    and sponsored by Joe Batt's Arm Labradors.
     Visit our sponsor
     
    ..